De bizarre wetenschap achter de 1e indruk (en hoe je een goede maakt)

Eerste indrukken zijn blijvend, nog meer dan je dacht. Het is daarom enorm belangrijk om meteen de juiste snaar te raken in een eerste ontmoeting. Leer meer over hoe dat volgens de wetenschap werkt en wat jij daar in de praktijk aan hebt.

Een handdruk, een blikwisseling, een ‘hallo’ – en het is al gebeurd. Terwijl jij nog aan het denken bent wat je nu het best kunt zeggen om goed over te komen, is het schip al uit de haven verdwenen. Met een oordeel. Over jou.

Nee, dat hoef je de ander niet kwalijk te nemen. Zo werkt ons brein nu eenmaal – en dat doet het om ons te helpen met snelle beslissingen nemen en juiste oordelen vellen.

Een goede reden om eens wat dieper in het fenomeen van die eerste indruk te duiken. Gelukkig is onderzoeker en journalist Malcolm Gladwell mij daarin al voor gegaan.

“Het is hoog tijd dat we deze eerste indrukken eens wat serieuzer gaan nemen”, zegt Gladwell, die zich in de afgelopen decennia heeft gespecialiseerd in intuïtie en het onderbewuste deel van ons brein – de 2 belangrijkste elementen in het eerste-indruk-proces.

Het bizarre proces van de eerste indruk: over seconde-werk en ‘thin-slicing’

Gladwell’s research naar eerste indrukken bleek zoveel interessant materiaal op te leveren dat hij er een compleet boek over schreef: ‘Blink’.

Zijn belangrijkste bevinding: het gaat slechts om de eerste paar seconden in een ontmoeting, waarin ons brein een (correct!) oordeel velt. En dat terwijl wij daar maar zelden aan willen toegeven of er überhaupt naar willen luisteren, om er vervolgens maanden of zelfs jaren over te doen om dat oordeel rationeel bij te staan met denkwerk en praktijkervaringen – wat vaak verkeerde conclusies en beslissingen oplevert. Verspilde energie, want de eerste indruk is meestal de juiste – blijkt uit de verschillende onderzoeken die hij verzamelde.

Gladwell noemt het fenomeen van je brein’s oordeel in de eerste paar seconden bij zijn neurlogische en psychologische naam: “Thin-slicing”. En hij benadrukt dat iedereen dit handige snufje in zijn lijf heeft zitten.

eerste-indruk-1“Thin-slicing is geen exotische gave. Het is inherent aan het menszijn. We ‘thin-slicen’ elke keer als we een nieuw iemand ontmoeten, wanneer we ergens snel een indruk van moeten krijgen of wanneer we in een onbekende situatie terechtkomen.
We ‘thin-slicen’ omdat we moeten, en omdat we er afhankelijk van zijn doordat er een hele hoop situaties zijn waarbij een ‘thin-slice’ van niet meer dan een paar seconden ons enorm veel kan vertellen.” – Malcolm Gladwell, ‘Blink’

In dat eerste oordeel, in de eerste paar seconden, zit dus alles wat je moet weten van een ander. Of wat een ander van jou moet weten. Een oordeel, een inschatting of een keuze. Tijdens het ‘thin-slicing’-momentje is hij al geveld of gemaakt.

En het mag dan geen speciale gave zijn, het ‘thin-slicing’-proces is wel een cadeautje. Eentje dat we maar zelden uitpakken en gebruiken. En dát is exact wat Gladwell bedoelde met verspilde tijd die we besteden en koortsachtig blijven malen of die ene persoon of keuze wel de juiste is. Je weet het eigenlijk al. “The Power of NOT Thinking”, noemt hij het.

En nee, dat is geen loze theorie van een willekeurige schrijver met een afro – het is een wetenschappelijk bewezen feit.

…wat de wetenschap daarover te zeggen heeft: onderzoeken en ijsbergen

Nalini Ambady, doceert psychologie aan Stanford University, onderzocht het fenomeen van de eerste indruk. Zij liet een groep studenten drie 10 seconden durende geluidloze videotapes zien van een college van een professor. Vervolgens vroeg ze de studenten om de professor te beoordelen.
Het oordeel van deze groep, die de professor maar 3 keer 10 seconden had gezien, kwam grotendeels overeen met het oordeel dat een andere groep studenten velden nadat ze een compleet semester met de professor te maken hadden gehad. In een volgende testronde verkortte Ambady de video’s zelfs tot 2 seconden in plaats van 10. Het leverde dezelfde, opvallende resultaten op.

Niet meer dan 2 seconden zijn er dus nodig om een (correct) oordeel over iemand te vellen in een eerste indruk. Wetenschappelijk bewezen.

Hoe dat kan?

Een oordeel dat zo snel geveld is, heeft maar weinig te maken met vooroordelen, stereotypen, verwachtingen en culturele normen en waarden die volgen na die tijd. In die ‘thin-slicing’-seconden spelen die factoren nog niet mee en oordeel je dus niet op basis van je ratio, maar je intuïtie.

Gladwell legt dat zo uit: je kunt je brein vergelijken met een ijsberg, het bovenste gedeelte is wat je ziet – het bewuste deel, dat werkt op ratio – alles onder water is wat je niet ziet en wat de basis van je brein vormt – het onderbewuste deel, dat werkt op intuïtie.

Wat JIJ aan die wetenschap hebt, als beoordelaar óf als beoordeelde 

“Mooi verhaal”, zul je zeggen. “Goed onderbouwd”, misschien ook. Maar de vraag die nu rijst is: “Wat heb IK daar aan? Hoe kan IK deze wetenschap over de kracht van de eerste indruk in MIJN voordeel gebruiken, in de dagelijkse praktijk?”

Goede vraag. En hier is het (3-ledige) antwoord:

1. Vertrouw op je eerste indruk, zoals Gladwell je graag op het hart drukt. Laat je oordeel niet bezoedelen door je vooroordelen, culturele overtuigingen en stereotypen – maar laat je intuïtie op de vrije loop. Alleen dan vel je zeker het juiste oordeel of maak je de juiste beslissing.

Maar wat als jij degene bent die beoordeeld wordt? Wat moet je doen om zelf een goede eerste indruk achter te laten? Hier is antwoord nummer…

2. Wees expressief. Studies hebben laten zien dat mensen die op een expressieve en geanimeerde manier communiceren, eerder gewaardeerd worden dan mensen die lastig zijn om te peilen. Psychologen noemen dit de ‘Expressivity Halo’ – het idee dat we ons meer op ons gemak voelen vanuit onze intuïtie bij mensen die gemakkelijk te peilen zijn. Het is bijvoorbeeld een verklaring voor een ervaring waarbij je ‘iemand totaal niet mocht, totdat je hem beter leerde kennen.’ Om in goede aarde te vallen bij anderen, meteen bij de eerste indruk, helpt een expressieve houding dus. Laat zien hoe je je voelt, laat horen wat je denkt en probeer je altijd op je gemak te voelen – jezelf te zijn.

3. Heb ‘het juiste’ gezicht. Oké, dit is er één waar je zelf maar weinig invloed op hebt: je gezicht. Ons brein oordeelt onbewust op basis van minieme verhouding in je gelaat. Volgens dit onderzoek van de Universiteit van New York is er een bepaald soort gezicht dat onbewust het eerste oordeel ‘benaderbaar’, ‘jeugdig/aantrekkelijk’ of ‘dominant’ krijgt:

 eerste-indruk-maken‘Boven: Benaderbaar – Is deze persoon een bedreiging of zal hij me helpen? Midden: Jonge Aantrekkingkracht – Is deze persoon een potentiële romantische partner (of liefdesrivaal)? Onder: Dominantie – Gaat deze persoon zijn intenties waarmaken?’ ©Universiteit New York

Heb je net het gezicht dat past bij een dominant persoon, dan ben je de pineut – als het op de eerste indruk aankomt tenminste. Toch heb je nog wel wat in eigen hand, als het op je gezicht aankomt.

Richard Vernon uit het onderzoeksteam: “Het feit dat willekeurige gezichtskenmerken de indruk die andere mensen van je hebben kunnen beïnvloeden, suggereert dat de keuze voor een bepaalde foto van jezelf de eerste indruk van jou kan maken of breken.”

Oké, daar heb je dus toch wel wat aan. Als je een sollicitatiebrief stuurt bijvoorbeeld, let dan goed op de foto die je mee zendt – het kan het verschil maken. En een brede lach tijdens het eerste gesprek helpt altijd om de ander in de richting van het oordeel ‘benaderbaar’ te sturen.

Kun je daar wat mee? Ik hoop het. Want hoe bizar of opvallend de uitkomsten van dit eerste-indruk-fenomeen ook zijn, ze zijn ook enorm belangrijk. Omdat die eerste indruk nu eenmaal zo belangrijk is, bepalend zelfs. Een fractie van een moment waarop je het verschil kunt maken – en een fractie van een moment waar je feilloos op kunt vertrouwen. Maakt dat het leven niet een stuk makkelijker?

266 Shares
X