Assertiviteit zonder angst

Het grootste obstakel voor subassertieve personen is angst. We zijn bang om agressief over te komen, anderen te ergeren of als onaardig over te komen. In deel 3 van zijn artikelenserie over assertiviteit legt coach Robert Haringsma de lezers een casus voor:

De man die ik trainde, werkte op een kantoor, waar zijn leidinggevende vaak vlak voor het eind van de dag nog met allerlei verzoeken kwam. Hij wilde natuurlijk best overwerken, maar niet wanneer dat te voorkomen is. Op dit moment werd het echter puur veroorzaakt doordat de leidinggevende niet wilde of kon plannen. De cliënt wilde hier graag wat van zeggen, maar vond het moeilijk en kwam er steeds maar niet toe. Dit zorgde er voor dat hij minimaal drie keer per week een half uur overwerkte.

Tijdens de cursus had de cliënt al laten zien dat hij precies wist hoe hij zijn probleem op een assertieve manier bij zijn leidinggevende moest neerleggen. Toch deed hij het steeds niet. Toen ik uitvroeg wat er aan de hand was, bleek dat hij het effect van een assertieve benadering heel negatief inschatte. Hij was er vooral bang voor dat zijn baas boos zou worden. Zijn opmerking zou volgens hem opgevat worden als een gebrek aan betrokkenheid en zou hem bepaald niet in dank afgenomen worden. Dit zou er in resulteren dat zijn positie op het werk behoorlijk in gevaar zou komen.

Wellicht herken je deze situatie goed. Voor velen is de grootste uitdaging het uitbannen van dit soort onterechte angstgevoelens. De eerste stap is het analyseren van deze gevoelens. Waar wordt het uitstelgedrag door veroorzaakt?

We gingen gingen kijken of zijn interpretatie wel terecht was. Zou het niet ook zo kunnen zijn dat zijn leidinggevende helemaal niet door had wat hij steeds deed? Veel mensen zijn tenslotte zozeer met zichzelf bezig dat ze niet eens zien wat het effect van hun gedrag op anderen is. Bovendien zou het ook zo kunnen zijn dat de leidinggevende willens en wetens gebruik maakte van zijn medewerker. Immers, als iemand zonder mokken aan jouw wensen voldoet, is dat hartstikke prettig. Zelfs in het geval dat de leidinggevende inderdaad vond dat overwerken bij het werk hoorde, hoefde dat niet te betekenen dat de cliënt zich daar ook aan moest houden. Een verschil van mening kan op een assertieve manier uitgepraat worden, zonder dat dit tot gezichtsverlies leidt.

Toen hij het zelfvertrouwen van de klant had helpen verhogen, kon Haringsma aan de slag met het grotere obstakel, de overuren waar zijn cliënt iets over moest zeggen:

Hoewel de cliënt inzag dat hij er met zijn interpretatie wellicht naast zat, durfde hij het onderwerp nog steeds niet goed aan de kaak te stellen. Alleen bij het idee kreeg hij al zweet in zijn handen en een droge mond. Zoals ik al heb beschreven in mijn artikel over angst is het dan vaak verstandig om stapje voor stapje te werk te gaan. We gingen daarom eerst kijken naar wat de cliënt wel durfde. Er waren nog een aantal andere situaties in zijn leven waarin hij assertiever wilde worden. Die hebben we vervolgens eerst aangepakt. Uiteindelijk kwamen we weer uit bij het probleem met de leidinggevende. De cliënt raapte toen de moed bijeen en bracht het onderwerp ter sprake. De leidinggevende reageerde heel begrijpend en gaf aan er in het vervolg rekening mee te houden. Het kostte echter nog een hoop assertieve interventies voordat hij dat ook daadwerkelijk deed.

Zo zie je maar: assertiviteit leer je niet van de ene dag op de andere. Maar door stukje bij beetje de angst weg te nemen, kom je er uiteindelijk wel!

X